
DRACHTEN – Drachtster Boys heeft zaterdag een vliegende ...Lees meer
DRACHTEN - Na een geslaagde voorbereidingsperiode moesten...Lees meer
DRACHTEN – Topdivisionist Avanti uit Stiens kwam afgelop...Lees meer
DRACHTEN - Afgelopen woensdag 26 mei speelde F5 de voorlaatste...Lees meer
ONZE SPONSORS
![]() | ![]() |
![]() | ![]() |
| Het begin |
|
|
| Historie | |
|
DDB (De Drachtster Boys) ![]() Drachtster Courant maart 1948 Ook is er een groepje jongens, dat onder de naam DDB (De Drachtster Boys) op zaterdag zijn geliefde sport bedrijft. Schilder Jelle van der Werff en sigarenwinkelier Jan Mulder (vader van de bekende schrijfster Tiny Mulder) fungeren als een soort mentoren. In competitieverband heeft DDB nooit gespeeld. In die tijd kennen FVB en KNVB allen nog maar zondagclubs. De jongens van DDB spelen hun wedstrijden op het oude oranjeterrein aan de Vogelzang. In de jaren vlak voor de oorlog schijnen "De Sealtjes" te zijn opgegaan in DDB, maar tijdens de oorlogsjaren is het al gauw gedaan met die club. Het gevaar te worden opgepakt door de bezetter maakt dat jonge knapen wel iets anders aan hun hoofd hebben dan voetballen. In 1948 is Roelof van der Scheer, zoon van een kruidenier aan de Zuiderbuurt, twaalf jaar. Hij voetbalt graag met zijn vrienden. School tegen school en buurt tegen buurt. Dat gebeurt vaak in "de kûle", een stuk land op de plaats waar later later schouwburg "De Lawei"zal verrijzen. Een paar klompen of jassen vormen de "doelpalen"en de wedstrijd kan beginnen. In maart 1948 verschijnt een oproep in de Drachtster Courant, waarin melding wordt gemaakt van het inititatief om te komen tot de oprichting van een zaterdagvoetbalclub in Drachten. Roelof krijgt toestemming van zijn ouders om op zaterdag 3 april de oprichtingsvergadering te bezoeken, die wordt gehouden in café Marktzicht aan de Oudeweg. Tijdens die vergadering wordt Drachtster Boys opgericht. Tweeëndertig enthousiaste voetballiefhebbers melden zich tijdens de vergadering aan als lid. De eerste ledenlijst vermeldt ook de naam van Roelof van der Scheer, evenals die van Schelte van der Wal. Beide jongens zullen later van onschatbare waarde worden voor Drachtster Boys. De namen van deze "pioniers" prijken in 1998 nog steeds op de ledenlijst. Met ere! Marktzicht ![]() Markzicht 1998 Voorzitter Van der Werff zorgt voor een pleister op de wonde door te bewerkstelligen dat Drachtster Boys wel meteen aan de bekercompetitie mag deelnemen. "De erfenis van Pietersma" heeft tot gevolg dat de 29e maart als oprichtingsdatum bij de KNVB wordt opgegeven. Het eerste jaar blijft Drachtster Boys dus verstoken van competitievoetbal. De FVB toont begrip voor de situatie door in 1949 het eerste elftal niet in te delen in de derde,maar meteen in de tweede klasse. Sportief gezien een verrstandige besIissing., want zelfs voor de 2e klasse D blijkt het team nog te sterk. Met 23 punten uit 12 wedstrijdcn wordt het kampioonschap binnengehaald, voor Friese Boy's dat met 17 punten tweede wordt. Via een tweetal beslissingswedstrijden tegen Buitenpost, die beide worden gewonnen, wordt promotie naar de le klasse FVB afgedwongen. Het tweede elftal eindigt op een derde plaats in de 3e klasse E en de beide juniorenteams worden vierde in hun poule. Van der Werf had bij zijn aantreden als voorzitter meteen al aangegeven dat hij slechts tijdelijk als zodanig zoufungeren. Do oud-schilder heeft het erg druk met zijn hobby, het leiding geven aan zangkeren en muziekkorpsen en is bijna geen avond thuis. Ook zit hij in de elftalkommissie, samen met Lucas Westerhof, 'meester' M. Postma en Sietze Lindeboom. De vergaderingen van van deze commissie, soms tot diep in de nacht, worden bij Van der Werff aan huis gehouden, zodat deze toch nog een avond in de week thuis is. In 1949 vindt Van der Werff een opvolger in de persoon van de heer Geet Hoekstra. Meester Sassen wordt secretaris en later in het jaar wordt Siebe Veenstra als penningmeester opgevolgd door Sietze Lindeboom. Het hestuur wordt verder nog aangevuld met de heren Wietze Numan en Rienk Struiksma. De nu 73-jarige Geert Hoekstra, woonachtig in Oosterwolde, verteld dat in die tijd nogal wat leden van Drachtster Boys meespelen in een bedrijvencompetitie. Het bestuur wordt daarover op de vingers getikt door de KNVB-FVB, die vindt dat clubleden alleen mogen uitkomen in door de bond georganiseerde competities. Men dreigt zelfs de bestuursleden te zorgen als die er niet voor zorgen dat er een eind komt aan deze situatie. Het is Wietze Numan die Hoekstra wijst op het feit dat het bestuur er is voor de leden en dient uit te voeren wat die willen. En dus luidt het antwoord aan de bond: "Schors ons dan maar, maar bedenk dat je dan ook een hele vereninging kwijt bent. Wij doen wat de leden willen." De communicatie over deze hele zaak vind mondeling plaats en men zal nadien nooit meer iets vernemen. Van sponsoring is in de beginjaren nog geen sprake. Toch kan de club best wat extra inkomsten gebruiken. Vandaar dat een verzoek om financiële ondersteuning wordt gericht aan het adres van de Gereformeerde Kerk in Drachten. Die zal het voetballen op zaterdag toch wel willen bevorderen, zo redeneert men. Het antwoord laat aan duidelijkheid niets te wensen over: lichamelijke oefening is tot weinig nut; men kan beter lid zijn van de jongelingsvereniging. ![]() Een van de eerste donateurs uit de beginjaren van Drachtster Boys Snoepauto Het vervoer naar uitwedstrijden vindt veelal plaats per fiets. Soms is de afstand te groot en wordt er gebruik gemaakt van de "snoepauto"van Klaas de Groot. Dit is een afgedankte ziekenauto, waarmee De Groot de met zijn handel markten afreist. Omdat De Groot een volktuin bezit, waaraan hij niet veel zorg besteedt, kennen veel Drachtsters hem alleen maar als 'Klaas Bouwboer'. Geert Hoekstra herinnert zich hoe hij bij de De Groot kwam met de vraag "Meneer Bouwboer, kunnen wij bij uitwedstrijden zo nu en dan gebruik maken van uw auto?" Zonder blikken of blozen wordt deze vraag positief beantwoord. Pas veel later ontdekt Hoekstra zijn 'fout'. Roelof van der Scheer weet nog goed dat het juniorenelftal waarvan hij deel uitmaakte een beslissingswedstrijd moest spelen in Kollumerzwaag. De reis wordt gemaakt met de de auto van De Groot. Door onverklaarbare oorzaak komt het vervoermiddel met dertien jongens aan boord bij de spoorwegovergang in Zandbulten in een droge sloot terecht. De laatste kilometers worden te voet afgelegd. Na de wedstrijd staat de auto weer op de jongens te wachten. Hun wordt bezworen vooral niet over het gebeurde te praten. Binnen een kwartier na aankomst op het terrein aan de Vogelzang gaat het verhaal echter al door heel Drachten. In de beginperiode regelen de spelers zelf wie voor het eerste en wie voor het tweede elftal zal uitkomen. Problemen levert dit vrijwel niet op. Met de promotie naar de 1e klasse FVB en de gestage ledenaanwas wordt echter de elftalcommissie steeds belangrijker. Heel lang heeft deze commissie bestaan en bijzonder nuttig werk verricht. Pas veel later wordt de samenstelling van de teams overgelaten aan trainers en elftalleiders. |
|